In contrasten ontstaat de vernieuwing

Het functioneren van systemen, een gezonde machtsbalans en bovenal waarden, dat zijn de elementen die een stad bepalen volgens Carolien Gehrels, directeur Big Urban Clients bij Arcadis. Vanuit haar kantoor in Amsterdam kijken we uit over het ‘polycentrisch stedenlandschap’ Nederland, met de luchtverkeerstoren van Schiphol op een steenworp afstand en de skylines van Den Haag en Rotterdam tegen de horizon.

“Steeds meer mensen trekken naar de steden, dat leidt tot onverwachte ontmoetingen en verrassende verschijningen”, legt Gehrels haar fascinatie uit. “Een stad, in ieder geval een stad als Amsterdam, is intiem maar ook anoniem, verrassend en vertrouwd, mensen zijn vaker gek maar ook vaker geniaal, mensen zijn vaker bescheiden maar ook vaker brutaal. Dat vind ik mooi: in die contrasten ontstaat de creativiteit, de vernieuwing.”

Hoe ziet de ideale stad eruit?

“De ideale stad gaat uit van de mensen. In Nederland hebben we steden die prettig zijn omdat ze uitgaan van de menselijke maat. Er is balans: we hebben een hele internationale cultuur, een internationale luchthaven en veel multinationals, maar ook gewoon een park met een bankje, de voetbalclub om de hoek, een straatvereniging en een buurt-BBQ. Die combinatie van kleinschalig en wereldschaal, dat is belangrijk.”

Voorheen in de politiek (wethouder in Amsterdam) en nu vanuit het bedrijfsleven werkt Gehrels aan dat ideaal. Haar analyse van de stad neemt de vorm aan van een piramide, opgebouwd uit verschillende lagen. “De basis bestaat uit de systemen van de stad, die moeten functioneren. Daarbij kun je ook het onderwijs en de zorg als systemen zien: dat je eerst naar de huisarts gaat, dan naar de poli, dan naar een afdeling op de VU – dat heeft ook een zekere ordening, dat is een systeem.”

De tweede laag wordt gevormd door de machtsbalans: governance en investment power. In Nederland hebben we een goede publiek-private balans. Je hebt hier nog steeds hele sterke publieke bedrijven, zoals Schiphol, het vervoerbedrijf en de haven. Vitale functies zijn in handen van ons allemaal. Maar je hebt private bedrijven nodig om kennis ook op te schalen en te exporteren en om goederen te produceren.”

Bovenaan de piramide treffen we het belangrijkste element: de waarden. “Wat voor een stad wil je zijn? Gelijkheid, emancipatie en diversiteit, dat zijn abstracte begrippen, maar het heeft alles te maken met hoe de economie uiteindelijk is ingericht, hoe het gaat in het onderwijs, kunst en cultuur.”

Wat zijn de belangrijkste uitdagingen voor steden?

“Het in balans houden van die piramide”, zegt Gehrels. Dat gaat erg goed in Nederland, al ziet zij ook bedreigingen: “We groeien niet snel genoeg. We moeten sneller groeien en daarbij de kwaliteit hoog houden: de kwaliteit van onderwijs, kunst en cultuur, de kwaliteit van banen… Het geld dat we hebben moeten we investeren en we moeten steden beter met elkaar verbinden. Ik ben nog altijd voorstander van een zweeftrein naar Groningen. En dan ook meteen naar Hamburg, Bremen en Moskou, via Berlijn.”

Het internationale perspectief is hierbij ook van belang. “We maken deel uit van een wereldeconomie en een bedreiging kan zijn dat we dat niet in de gaten lijken te hebben. De competitie tussen steden in de wereld wordt alleen maar sterker.”

Heeft het zin om Nederlandse steden te vergelijken met metropolen als Londen en New York?

“Deels”, stelt Gehrels terwijl zij de Sustainable City Index van Arcadis erbij pakt, waarin 50 wereldsteden met elkaar vergeleken worden op uiteenlopende parameters. “Veel van mijn collega’s in al die steden zijn zwaar onder de indruk van de kwaliteit van onze stadssystemen. Onze mobiliteitsmix, de fiets en het OV, maar ook de manier waarop we omgaan met oude gebouwen en natuurlijk hoe we dat allemaal voor elkaar krijgen vijf meter onder zeeniveau. Mijn missie en mijn passie is om te helpen en te proberen om dat ook in andere steden zo goed voor elkaar te krijgen. Ook kunnen wij weer veel leren van andere steden. Een multinational zorgt daarbij voor uitwisseling tussen deskundigen.”

Wanneer kunnen we dan zeggen: nu hebben we bereikt wat we willen bereiken?

“Als we over tien jaar de EXPO 2025 in Rotterdam hebben, Amsterdam 750 jaar een groot succes is en er een nieuwe zweeftrein naar Groningen is… Als we de komende tien jaar op de golf van de economische groei gaan investeren in ons land, zodat we groeien en zodat we aantrekkelijk blijven. Want we zijn aantrekkelijk, maar de ontwikkelingen gaan heel snel. De concurrentie is wereldwijd moordend, maar als we blijven investeren, ook in de luchthaven, dan komen we er wel.”

Laat een reactie achter

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.