Handreiking helpt gemeenten op weg naar gezond en duurzaam voedselbeleid

Dit gaat over de City Deal Gezonde en duurzame voedselomgeving

Handreiking helpt gemeenten op weg naar gezond en duurzaam voedselbeleid

Vanaf vandaag is de praktische handreiking “Voedsel als sleutel voor een gezonde en duurzame toekomst” beschikbaar voor gemeenten. De publicatie biedt inzichten, feiten en concrete handvatten om lokaal voedselbeleid vorm te geven – beleid dat bijdraagt aan zowel volksgezondheid als klimaatdoelen.

Waarom voedselbeleid?
Voedsel raakt aan veel maatschappelijke opgaven. Denk aan gezondheidsverschillen tussen inwoners, de druk op het zorgstelsel, maar ook aan de impact van voedselproductie op klimaat, biodiversiteit en watergebruik. Gemeenten spelen hierin een cruciale rol. Door integraal voedselbeleid te ontwikkelen, kunnen zij bijdragen aan een gezondere leefstijl, minder voedselverspilling en een duurzamere leefomgeving.

Wat biedt de handreiking?
Deze handreiking is bedoeld als hulpmiddel voor beleidsmakers, bestuurders en ambtenaren die met voedsel(beleid) aan de slag willen. De publicatie bevat:

  • Inzicht in hoe voedselbeleid verschillende beleidsdoelen raakt
  • Feiten en cijfers over gezond, duurzaam en betaalbaar eten
  • Praktische handvatten om lokaal te starten of door te pakken

Samenwerken over domeinen heen
Effectief voedselbeleid vraagt om samenwerking tussen verschillende beleidsdomeinen, zoals gezondheid, sociaal domein, ruimtelijke ordening, duurzaamheid en onderwijs. Deze handreiking helpt om het gesprek te voeren én om tot actie over te gaan.

Download de handreiking hier

Deze handreiking is een uitgave van de City Deal Gezonde en duurzame voedselomgeving. Hierin werken 13 steden, een provincie, de ministeries van LVVN, BZK en VWS, het voedingscentrum en JOGG samen.

Samen werken aan een gezonde voedselomgeving? Deze toolbox helpt je op weg

Dit gaat over de City Deal Gezonde en duurzame voedselomgeving

Werk je bij een gemeente of GGD en wil je samen met inwoners bouwen aan een gezondere voedselomgeving? Dan is de nieuwe Toolbox Inwonersparticipatie Gezonde Voedselomgeving van de toekomst iets voor jou. Deze praktische toolbox ondersteunt professionals bij het agenderen van dit thema én helpt om samen met bewoners en sleutelfiguren mogelijkheden te verkennen.

Ga naar de Toolbox.

Het huidige aanbod van voedsel in winkels, de horeca, scholen en andere openbare plekken is grotendeels ongezond. Vooral voor inwoners in een kwetsbare maatschappelijke of financiële situatie is het vaak lastig om gezonde keuzes te maken. Ongezond eten leidt tot overgewicht en obesitas.

Veel gemeenten willen de ongezonde voedselomgeving verbeteren, maar ingrijpen raakt ook het belang van persoonlijke keuzevrijheid. Juist daarom is het belangrijk om inwoners te betrekken. Beleid dat samen met inwoners wordt ontwikkeld, sluit beter aan bij de leefwereld, vergroot het draagvlak, versterkt de legitimiteit en werkt daardoor beter in de praktijk.

In de toolbox
De Toolbox Inwonersparticipatie Gezonde Voedselomgeving helpt (beleids)adviseurs van gemeenten en GGD’en om samen met inwoners, vooral uit wijken met een lagere sociaal-economische positie, de voedselomgeving te verbeteren. De aanpak bestaat uit vijf praktische stappen en start bij het perspectief van de inwoners. De methode gebruikt ‘participative backcasting’, waarbij deelnemers samen een gewenste toekomst schetsen en vervolgens terug redeneren naar het heden om de benodigde acties te bepalen.

De aanpak omvat drie bijeenkomsten: één met bewoners, één met beleidsadviseurs van gemeente en GGD, en één gezamenlijke slotbijeenkomst. De toolbox bevat draaiboeken voor de bijeenkomsten, voorbeelden van werkvormen en ondersteunende materialen, zoals illustraties. Zo kun je met de toolbox direct aan de slag.

De toolbox is ontwikkeld door onderzoekers van Wageningen University, Amsterdam UMC en Vrije Universiteit Amsterdam, in samenwerking met de gemeenten Ede, Amsterdam, Rotterdam en Utrecht, en het Voedingscentrum. Het project is gefinancierd door ZonMw binnen het programma ‘Gezonde Leefomgeving Integrale Aanpak’.

Meer informatie
De Toolbox is gratis beschikbaar via Goodfoodcity.nl. Voor vragen of begeleiding bij het gebruik van de Toolbox kunnen gemeenten contact opnemen met de City Deal Gezonde en duurzame voedselomgeving: [email protected]

Wethouders pleiten voor voedselwet om jeugd gezonder te laten opgroeien

Dit gaat over de City Deal Gezonde en duurzame voedselomgeving

Wethouders van de twaalf City Deal-steden doen een dringende oproep om vaart te maken met wetgeving die gemeenten de juridische middelen geeft om te werken aan een gezondere voedselomgeving – vooral in kwetsbare wijken en rondom scholen. Dat schrijven zij in een gezamenlijke brief aan de Tweede Kamer, vooruitlopend op het leefstijlpreventiedebat op donderdag 24 april.

Sinds 2021 werken de gemeenten samen met het Voedingscentrum en JOGG aan het verbeteren van de voedselomgeving. Volgens de wethouders is wetgeving onmisbaar om echt impact te maken. “Zo’n wet geeft gemeenten de ruimte om in een wijk waar het aanbod al overwegend ongezond is nieuwe fastfoodaanbieders te kunnen weren,” stellen zij in de brief.

Het voedselaanbod in Nederland is de afgelopen 10 jaar flink ongezonder is geworden. Duizenden fastfoodlocaties kwamen erbij, terwijl het aantal winkels met vers aanbod afnam. Dit maakt het steeds moeilijker om een gezonde keuze te maken2. Dat geldt voor volwassenen, maar met name voor kinderen en jongeren. Als in hun omgeving bijna alleen ongezonde producten te verkrijgen zijn, maken we het hen wel heel moeilijk om een gezonde keuze te maken.

En dat heeft grote gevolgen. Inmiddels zijn één op de zeven kinderen en jongeren te zwaar. In Amsterdam zelfs één op de vijf. Deze jeugd groeit op met een groot gezondheidsrisico. Overgewicht en obesitas zorgen voor een verhoogd risico op diabetes type 2, hart- en vaatziektes en tal van andere gezondheidskwalen.

De steden hebben de Universiteit van Amsterdam, het Amsterdam UMC en de Wageningen University & Research (WUR) om een instrument te ontwikkelen dat in één oogopslag laat zien waar in de gemeenten het aanbod van ongezond eten het grootst is. Met de juiste juridische instrumenten kan deze Heatmap Voedseldruk gemeenten helpen om gericht aan de slag te gaan in de wijken waar het voedselaanbod het meest ongezond is.

Welkom in Good Food City

Dit gaat over de City Deal Gezonde en duurzame voedselomgeving

Vandaag presenteren we je: Good Food City. Good Food City is de plek waar je nieuwe ideeën opdoet en je ervaringen deelt. Met verhalen die inspireren, praktische tools en relevante onderzoeken. Op Good Food City laten we samen zien hoe we de voedseltransitie werkelijkheid maken: van ongezond naar gezond, van dierlijk naar plantaardig, van wereldwijd naar lokaal.

Doe mee en maak een verschil

Good Food City is voor iedereen die werkt aan een gezond en duurzaam voedselsysteem. Van ondernemers tot ambtenaren: voor iedereen die zich professioneel bezighoudt met de gezonde stad. Daar hoor jij ook bij! Daarom nodigen we je uit om ook deel te nemen aan Good Food City en actief berichten en initiatieven te delen. Registreer je vandaag nog!

Good Food City is een initiatief van de City Deal Gezonde en Duurzame Voedselomgeving. Een samenwerking tussen twaalf steden, een provincie, drie ministeries en maatschappelijke organisaties. Onze ambitie is om de voedselomgeving tegen 2030 overwegend gezond en duurzaam te maken, met speciale aandacht voor scholen, openbare gebouwen, supermarkten, catering en horeca. Zo dragen we bij aan fitheid, vitaliteit, ziektepreventie en een in balans zijnde natuur, milieu en klimaatsysteem.

Samen bouwen we aan een gezonde toekomst!
Heb je vragen of wil je contact? Mail dan naar [email protected]

 

 

Proeftuinen voor gezonde voedselomgeving: lessen uit 3 jaar experimenteren

Dit gaat over de City Deal Gezonde en duurzame voedselomgeving

Hoe kunnen gemeente invloed krijgen op het voedselaanbod in hun stad? Dit complexe vraagstuk los je niet op vanuit achter je bureau. Om in de praktijk uit te zoeken wat wel en niet werkt, startten de gemeenten Amsterdam, Ede, Rotterdam en Utrecht in 2021 een aantal proeftuinen. In deze wijken werd geëxperimenteerd met verschillende interventies en aanpakken. Lily Kramer, Karin de Jager en Martien Hagens blikken drie jaar na de start terug op deze werkwijze.

Ongezond eten is in ons straatbeeld niet te missen: het is overal aanwezig, in de binnen stad, rondom scholen en op stations. Dit ongezonde aanbod beïnvloedt onbewust de dagelijkse voedselkeuzes van mensen. Om de gezondheid van hun inwoners te beschermen, willen veel gemeenten een betere balans in het voedselaanbod in de stad, maar momenteel missen zij de juridische middelen om het voedselaanbod effectief te reguleren.

Karin de Jager, gemeente Rotterdam: ‘Gemeenten hebben niet de mogelijkheid om bijvoorbeeld te zeggen: ‘In deze straat zitten al meerdere fastfoodketens, nu willen we graag een ondernemer met een gezond aanbod.’ Met deze proeftuinen wilden we onderzoeken welke mogelijkheden er zijn binnen de huidige wetgeving om het aanbod te sturen. Daarnaast denken we dat we op een aantal punten nog veel kunnen leren: hoe staan verschillende partijen hierin en welke kansen en obstakels komen we bij bewoners en ondernemers tegen?’

In Amsterdam werd gekozen voor drie locaties met verschillende opgaven en verschillende stakeholders. Lily Kramer: ‘In Amsterdam Zuidoost ging het om de vernieuwing van een winkelgebied, waar vooral de ontwikkelaar een belangrijke speler was. In Amsterdam Oost kwamen juist de ondernemers in beeld. Deze verschillende opgaven gaven een mooi zicht in de verschillende belangen: een ontwikkelaar heeft een bouwopgave, ondernemers moeten winst maken, en bewoners willen graag prettig wonen.’

Ede koos voor het stationsgebied en de nabijgelegen Parkweg en Spindopplein. ’Onze insteek was gericht op samenwerking,’ legt Martien Hagens uit. ‘We missen inderdaad de juridische kaders om invloed uit te oefenen op het voedselaanbod in de stad. Maar wat kunnen we bereiken als we samenwerken met de partijen rondom het station en de ondernemers op dit plein?’ Uit deze samenwerking ontstond een pop up store op het station waar, lokale producten werden verkocht. In de Parkweg en het Spindopplein ging Ede samen met geïnteresseerde horecaondernemers aan de slag om hun menukaart gezonder en duurzamer te maken.

Goede samenwerking
Om de voedselomgeving aan te pakken zonder juridische middelen, is een goede samenwerking nodig met partijen die de dezelfde urgentie voelen. ‘Je hebt echt ambassadeurs nodig. In Rotterdam hadden we het geluk dat de stadsmarinier van dit gebied het thema een warm hart toedroeg. Stadsmariniers werken in opdracht van de burgemeester en zetten zich in voor de veiligheid en leefbaarheid van Rotterdam. Dat zorgde voor een hele mooie entree richting bijv. de ondernemersvereniging,’ legt Karin uit. Rotterdam ging aan de slag op de Boulevard Zuid en de Beijerlandselaan, waar het aanbod ongezond eten groter is dan in andere delen van de stad. ‘Daar staat tegenover dat als enthousiaste mensen uit de wijk verdwijnen en bijv. een andere baan krijgen, dat echt gevolgen heeft voor de samenwerking. Dan zet je weer een paar stappen terug.’

‘Een gezonde voedselomgeving wordt niet door iedereen als prioriteit gezien. In Amsterdam Zuidoost en Nieuw-West spelen ook veel andere problemen die heel urgent zijn: overlast, drugsgebruik, sociale problematiek. De stadsdelen en andere belanghebbenden willen dat graag eerst op orde hebben, voordat ze met een gezonder aanbod aan de slag kunnen gaan.’

Hebben de proeftuinen iets aan het aanbod veranderd? ‘Niet in Rotterdam’, zegt Karin stellig. ‘Veel ondernemers in onze proeftuin hebben al moeite om het hoofd boven water te houden. Dan is er weinig ruimte om te experimenteren. Bovendien, als er een aanbieder stopt, dan is er veel aan gelegen om leegstand te voorkomen. Wat al snel weer leidt tot een nieuwe aanbieder van ongezond eten.

‘Ook in Amsterdam is weinig enthousiasme over het resultaat. ‘Het is wel gelukt om een zin te krijgen in een convenant en er is een horeca-ambitieplan opgesteld waar gezond aanbod ook een onderdeel van is, maar het is te vrijblijvend,’ aldus Lily Kramer. ‘Je loopt er toch tegen aan dat je niet de juridische middelen hebt om echt hierop te sturen.’

Voedselwet
De partners van de City Deal hopen daarom op de komst van een voedselwet. ‘We missen op dit moment een effectief sturingsmiddel,’ legt Martien uit. ‘Een voedselwet kan helpen om het aanbod in gebieden waar het overwegend ongezond is, beter te reguleren en bij te sturen.’ Karin voegt toe: Het helpt als we de optie hebben om bij nieuwe ondernemers te zeggen: ‘Het aanbod in deze straat is te ongezond, we willen juist een gezondere keuze toevoegen.’

Is er dan niks positiefs te melden? Zeker wel,’ zegt Lily overtuigend. ‘We hebben geleerd wat er nodig is om de voedselomgeving te veranderen. Wat weten nu beter wat werkt en we hebben nu meer inzicht in wat we moeten doen.’

Martien voegt nog een positieve ervaring toe: ‘Bij de horecaondernemers die in Ede deelnamen zien we wel aanpassingen in hun menu. Een ondernemer was zo enthousiast dat hij een tweede zaak is begonnen met alleen vegetarische burgers. Tegelijkertijd zijn dat kleine druppeltjes in een hele grote emmer. Een voedselwet met een beter sturingsmechanisme gaat ons zeker helpen om grotere stappen te zetten!’

———-

Karin de Jager, beleidsadviseur, Gemeente Rotterdam

Lily Kramer, projectleider GGD Amsterdam

Martien Hagens, projectmanager, Gemeente Ede

Brief aan Tweede Kamer: Zorg voor gezonde schoolmaaltijden

Dit gaat over de City Deal Gezonde en duurzame voedselomgeving

‘Doe het in één keer goed!  Zorg ervoor dat scholen worden geholpen gezonde maaltijden aan te bieden, die voldoen aan de Schijf van Vijf.’ Dat schrijven de wethouders van de City Deal steden en experts in een brief aan leden van de Tweede Kamer die woensdag vergaderen over het voortzetten Programma Schoolmaaltijden.

In de brief stellen de ondertekenaars verheugd te zijn met het voornemen van het kabinet om het Programma Schoolmaaltijden met een jaar te verlengen. Momenteel maken ruim 350.000 kinderen en 2100 scholen gebruik van het programma, dat als doel heeft om te voorkomen dat kinderen met honger in de klas zitten en om de kansengelijkheid te vergroten. Dit geeft aan dat de voortzetting voldoet aan een zeer grote vraag.

‘Om van deze schoolmaaltijden een gezonde maaltijd te maken is een logisch stap. Zeker gelet op het effectief inzetten van beperkte middelen. Scholen helpen om het in één keer goed te doen past ook binnen de ambities van het hoofdlijnenakkoord van VVD, NSC, BBB en PVV, waarin staat dat preventie centraal staat om de gezondheid te verbeteren, gezondheidsverschillen te verkleinen en de zorgvraag te beheersen, ‘ zo staat in de brief.

Uit onderzoek blijkt dat het aanbieden van een gezonde schoollunch ervoor zorgt dat kinderen meer groente, fruit en bruin- en volkorenbrood eten en minder suikerhoudende dranken drinken. Door kinderen op jonge leeftijd gezond eetgedrag aan te leren, leggen we de basis voor gezonde voedingsgewoonten gedurende het gehele leven. De wethouders en experts maken zich al jaren grote zorgen over de toenemende prevalentie van overgewicht en de gezondheidsimpact daarvan op onze inwoners. Sinds de jaren tachtig is overgewicht onder volwassenen in Nederland verdubbeld. De helft van alle volwassenen is momenteel te zwaar.

Actie is nodig
De kinderen van nu zijn de volwassenen van morgen: jong geleerd is dus oud gedaan. Daarbij komt dat overgewicht twee keer zo vaak voorkomt onder kinderen met laagopgeleide ouders als bij kinderen met hoogopgeleide ouders. Van de kinderen met laagopgeleide ouders had 6 % obesitas, tegen 2 % van de kinderen met hoogopgeleide ouders. De onderliggende redenen van overgewicht zijn complex en niet met één maatregel op te lossen. Maar het is duidelijk dat actie ondernemen nodig is. Het aanbod van ongezond voedsel neemt namelijk sterk toe, met name in wijken waar veel mensen met een lage sociaaleconomische status wonen. Als deze lijn doorzet, dan heeft over 20 jaar 62% van de Nederlandse volwassenen overgewicht en maken grote kans op aandoeningen als diabetes en hart- en vaatziekten.

Groningen sluit aan bij City Deal Gezonde en duurzame voedselomgeving

Dit gaat over de City Deal Gezonde en duurzame voedselomgeving

De City Deal Gezonde en duurzame voedselomgeving verwelkomt een nieuwe partner. En niet zomaar één! Een gemeente vol ambitie: waar meer dan 1200 kinderen per jaar moestuinles krijgen, sinds 2012 actief voedselbeleid wordt gevoerd en waar zelfs een wethouder is met de eiwittransitie in haar portefeuille. Groningen is de elfde gemeente die zich aansluit!

De gemeente Groningen presenteerde vlak voor de zomer haar ambitieuze plannen met de routekaart Voedsel- en Eiwittransitie. Hierin wordt duidelijk uiteengezet wat voor stad Groningen in 2050 wil zijn. ‘Een stad met een volledig circulaire landbouw, waar inwoners kunnen en willen kiezen voor gezond en duurzaam voedsel, waarbij 70 procent van de eiwitten uit plantaardige bronnen komt,’ licht Hilde Lavell van de gemeente Groningen toe. ‘Daarnaast willen we dat onze leefomgeving stimuleert tot het maken van gezonde en duurzame keuzes.

De routekaart beschrijft de stappen om deze doelen te realiseren, aan de hand van drie sporen: voedselproductie, -consumptie en -omgeving. ‘Productie gaat over hoe voedsel wordt geproduceerd door zowel boeren als de verwerkende industrie,’ legt Hilde uit. Binnen het thema consumptie bieden we onze inwoners handvatten om gezondere en duurzamere keuzes te maken, bijvoorbeeld kookworkshops op scholen. Bij de voedselomgeving gaat het om een betere balans tussen gezond en ongezond voedselaanbod rondom scholen, in winkelstraten en kwetsbare wijken en het stimuleren van meer eetbaar groen in de openbare ruimte.’

De routekaart is een visie en tegelijkertijd een uitnodiging aan alle partijen uit de voedselketen, van producent tot consument, om samen aan de voedseltransitie te werken. ‘Als gemeente kun je dit systeem niet alleen veranderen, je hebt verschillende partners nodig om mee samen te werken,’ zegt Hilde. ‘We gaan daarom graag in gesprek met alle partijen om te kijken hoe we gezamenlijk de transitie kunnen bereiken.’

De routekaart is net voor de zomer gepresenteerd maar dat betekent niet dat Groningen de afgelopen jaren heeft stilgezeten. Op tal van vlakken is gewerkt aan het stimuleren van een gezonder en duurzamere manier van leven. ‘Ieder jaar krijgen 1.200 leerlingen les op de schooltuinen die al meer dan 50 jaar bestaan. Van de kleuters tot aan groep 8. Ook zijn er kookworkshops voor kinderen op scholen en bij buurthuizen. Lekker, leuk en gezond,’ aldus Hilde. Ook aan ondernemers wordt gedacht. De gemeente Groningen ondersteunt – samen met Greendish – horecaondernemers bij het verduurzamen van hun menukaart. ‘Het gaat dan om het aanbieden van meer plantaardige keuzes, maar ook om voedselverspilling tegen te gaan.’

Wethouder Eiwittransitie
Groningen heeft sinds 2022 een wethouder met de eiwittransitie in haar portefeuille. Kirsten de Wrede is daarmee de eerste wethouder eiwittransitie in Nederland, wat destijds best voor wat fronsende wenkbrauwen zorgden. ‘Natuurlijk zijn er mensen die vinden dat je dit moet overlaten aan de markt, maar er is ook een groeiend besef dat een omslag nodig is naar een duurzaam en gezond eetpatroon en dat dat samengaat met de eiwittransitie,’ constateert Hilde. ‘We hebben ons gecommitteerd aan klimaatdoelen en we vinden dat wij onze rol moeten pakken: voor het klimaat en voor de gezondheid van onze inwoners.’

Hilde kijkt uit naar de samenwerking in de City Deal Gezonde en duurzame voedselomgeving. ‘We willen grote stappen zetten, maar willen voorkomen dat we niet steeds zelf het wiel moeten uitvinden. Door samen te werken en kennis te delen met deze andere koplopers, kunnen we samen de transitie naar een gezond en duurzaam voedselsysteem versnellen. Ik kijk er naar uit!’

“Leg de voedselambities vast in de omgevingsvisie voor je aan een gebiedsontwikkeling begint”

Dit gaat over de City Deal Gezonde en duurzame voedselomgeving

Lea Smeijsters liep het afgelopen half jaar stage bij Agenda Stad, wat resulteerde in haar masterthesis: ‘Bouwen aan een gezonde stad: Kansen en uitdagingen voor een gezonde voedselomgeving bij gebiedsontwikkeling’. In haar onderzoek combineerde ze twee City Deals: ‘Gezonde en Duurzame Voedselomgeving’ en ‘Dynamische Binnensteden’. Een mooi voorbeeld van hoe de kruisbestuiving van kennis en ervaring binnen Agenda Stad kan leiden tot een innovatieve insteek. We spreken Lea over haar onderzoek, resultaten en toekomstplannen.

Hoe ben je gekomen op dit onderwerp?
Ik heb een Bachelor Gezondheid en Maatschappij gedaan aan de Wageningen University & Research, waar ik werd gegrepen door hoe je met goed beleid de omgeving kan beïnvloeden en een gezonde samenleving kan bevorderen. Hier werd mijn interesse voor de stedelijke kant gewekt, wat ertoe geleid heeft dat ik bij de Universiteit Utrecht terechtkwam voor mijn master Urban and Economic Geography. Toen ik de vacature bij Agenda Stad voorbij zag komen werd ik dan ook meteen enthousiast van de combinatie gezondheid en stedelijke omgeving!

Hoe kwamen de twee verschillende City Deals samen in jouw onderzoek?
Vastgoedontwikkelaars en -beleggers zijn nauwelijks bezig met een gezonde voedselomgeving in gebiedsontwikkeling en gemeenten nemen het doorgaans niet op in tenderuitvragen. Met de City Deal Gezonde en Duurzame Voedselomgeving wordt er op verschillende manieren gekeken naar hoe mensen gestimuleerd kunnen worden gezond te eten. Als je kijkt naar de daadwerkelijke voedselaanbieders kom je al snel bij de City Deal Dynamische Binnensteden terecht: hoe maak je de binnenstad aantrekkelijk, veilig en toekomstbestendig? We kennen allemaal het beeld van het stationsgebied met tien snackbars naast elkaar. Hoe doorbreek je dat? Zo grepen de twee City Deals mooi in elkaar samen. Het gouden ei heb ik natuurlijk niet zomaar gevonden in mijn thesis, maar wat wel bleek is dat bewustwording aan het begin van het traject heel belangrijk is.

Hoe heb je deze verschillende vakgebieden – voedsel en vastgoed – samengebracht?
Voor het theoretisch kader heb ik de literatuur over voedselomgeving en stedelijke gebiedsontwikkeling met behulp van de Multi Level Perspective theorie gecombineerd. De centrale vraag is: welke kansen en uitdagingen zijn er om de transitie naar een gezonde voedselomgeving te bevorderen binnen het proces van gebiedsontwikkeling? Dit heb ik onderzocht door middel van de drie kernprocessen van niche-innovaties. De kans van slagen is veel groter als je op drie kernprocessen goed scoort: visie en verwachtingen, netwerk en samenwerking en leerprocessen. Zo kan een initiatief gaan van een nichemarkt naar een gangbaar alternatief.

Hoe zorgen we ervoor gezonde voedselaanbieders makkelijker een plek kunnen krijgen bij gebiedsontwikkeling?
Het begint al bij de vraag wat een gezonde voedselaanbieder is, hoe beoordelen we dat? Daar wordt in de City Deal Gezonde en Duurzame Voedselomgeving nu aan gewerkt, dat zou een belangrijk handvat kunnen zijn. In de gebiedsontwikkeling Cartesius in Utrecht is een lijst opgesteld met voorstellen waar een supermarkt aan kan voldoen om een gezonde supermarkt te zijn. Deze lijst is meegenomen in de onderhandelingen met supermarkten. Zoiets zou vaker gedaan kunnen worden, uiteraard met goede en het liefst transparante onderbouwing.

Zelfs als je dat goed gedefinieerd hebt, zit op dit moment wet- en regelgeving in de weg om hier harde eisen aan te stellen. Het bestemmingsplan is niet specifiek genoeg om bepaalde aanbieders uit te sluiten. Bij de vastgoedsector zie je meer de houding dat als de markt – dus de klanten – erom vragen, zij hier zeker op in wil springen. Anders zou er een financiële prikkel vanuit de overheid moeten zijn.

Het voedselaanbod is daarnaast maar één onderdeel van het totale vraagstuk. Hoe zorg je er bijvoorbeeld voor dat mensen met een kleinere portemonnee toch voor gezond eten kunnen kiezen? Dat zit hem niet alleen in het aanbod op straat, daar is ook bredere voorlichting voor nodig en andere marketing.

Wat zijn de belangrijkste uitkomsten van je onderzoek?
Het begint allemaal bij de gemeente die het in een Omgevingsvisie moet opnemen, daar vloeit de rest uit voort. Anders is het te makkelijk voor een vastgoedpartij om er jaren later toch niet mee aan de slag te gaan omdat het voor het financiële plaatje minder positief is. Ook het verder bouwen aan netwerken en kennis delen is erg belangrijk. Alleen al de verschillende afdelingen binnen de gemeenten zelf kunnen beter samenwerken, maar ook kennisinstellingen en maatschappelijk organisaties zoals bijvoorbeeld het Voedingscentrum kunnen beter erbij betrokken worden.

In mijn interviews hoorde ik vaak dat de kennisinstellingen nauwelijks aan bod komen in het proces van gebiedsontwikkeling. In plaats van dat een voedselexpert meekijkt in de initiatieffase, is er nu pas helemaal aan het einde van een ontwikkeling een belegger die kijkt welke partij interesse heeft in de plint. Dit proces zou je veel eerder sámen richting kunnen geven.

Het is daarnaast belangrijk om dezelfde verwachtingen te hebben bij alle stakeholders in de gebiedsontwikkeling. Dat kan met workshops en kennissessies in de initiatieffase verbeterd worden. Mensen moeten geënthousiasmeerd worden en eigenaarschap voelen. Tot slot moeten we niet vergeten dat naast de markt en de overheid er ook een verantwoordelijkheid ligt bij de burger.

Waarom past jouw onderzoek goed bij het instrument dat de City Deal is, waar innovatie en kennisdeling centraal zijn?
Er zijn te weinig referentieprojecten waarvan afgekeken kan worden, dus het is veel ‘learning by doing’. Daarbij is het essentieel dat tussenresultaten gedeeld worden en de kennis geborgd wordt. Hoe wordt er gemonitord en hard gemaakt dat een gezonde voedselomgeving bijdraagt aan de gezondheid van de bewoners van een gebied? Dat soort onderzoeken gaan over vele jaren, maar zo geef je wel een hele concrete incentive om hiermee aan de slag te gaan. De City Deal Gezonde Voedselomgeving is hier nu mee bezig. Wat goed aansluit bij de City Deal Dynamische Binnensteden is hoe je bij de invulling van panden de vastgoedpartijen echt meekrijgt in dit verhaal. Het zou niet alleen een kwestie moeten zijn van juridisch opleggen – wat momenteel geeneens mogelijk is – maar van gezamenlijk het belang zien en het mogelijk maken.

Wat heeft je het meest verrast bij de interviews die je hebt afgenomen met de vastgoedpartijen en gemeentes?
Vastgoedpartijen staan erg positief tegenover het incorporeren van een gezonde voedselomgeving in hun gebiedsontwikkelingen. Er werd eigenlijk heel pragmatisch tegenaan gekeken: als de wil er is vanuit beide kanten, kan het in een contract gezet worden en gaan we ermee aan de slag. Bij de gemeentes hoorde ik vaak dat het onderwerp veel meer leeft dan bijvoorbeeld 10 jaar geleden. Dat heeft zich nog onvoldoende vertaald naar concrete actie, maar daar lijkt de tijd nu wel rijp voor.

Je bent nu afgestudeerd en staat aan het begin van je carrière. Ga je door met dit onderwerp?
Zeker! Het is een heel actueel thema waar steeds meer aandacht voor is en wat ook steeds belangrijker wordt. We worden zwaarder en ongezonder in Nederland. Ik begin met een verdiepend onderzoek bij de WUR, wat meer gericht is op reclame over (on)gezonde voedselaanbieders. Als ik daar eind dit jaar klaar mee ben weet ik nog niet wat de vervolgstap is. Er zijn nog zoveel kansen om hiermee aan de slag te gaan en daar kijk ik naar uit.

Download hier de thesis en bekijk de Infographic Gezonde voedselomgeving bij gebiedsontwikkeling. Deze infographic biedt een begrijpelijk overzicht per fase van de gebiedsontwikkeling, waarmee gemeenten aan de slag kunnen om een gezonde voedselomgeving meer te implementeren binnen het proces van gebiedsontwikkeling. 

 

Verkennend onderzoek: Neem gezonde voedselomgeving op in ruimtelijke visie en tenders

Dit gaat over de City Deal Gezonde en duurzame voedselomgeving

Begin 2024 heeft Joost Rijkhoff, student Bestuurskunde Universiteit Leiden, voor de City Deals Gezonde en duurzame voedselomgeving en Dynamische binnensteden een eerste beknopte verkenning gedaan naar juridische mogelijkheden om het aanbod van ongezond voedsel te kunnen weren. De scope van het onderzoek was beperkt. Echter, de bevindingen zijn zodanig dat ze kansrijke aangrijpingspunten opleveren voor nader onderzoek voor beide City Deals. De belangrijkste aanbeveling van zijn onderzoek is, dat gemeenten een gezonde voedselomgeving in tenders moeten opnemen, zodat aandacht voor dit onderwerp van ontwikkelaars vereist wordt. Hiervoor is het uiteraard van belang dat een gezonde voedselomgeving integraal onderdeel van de ruimtelijke visie uitmaakt.

In navolging van Joost Rijkhoff, werkt masterstudent Urban and Economic Geography aan de Universiteit Utrecht Lea Smeijsters aan haar afstudeerscriptie over dit onderwerp. Hierbij richt ze zich op het proces van gebiedsontwikkeling, en de kansen en uitdagingen binnen dit proces om een gezonde voedselomgeving te bevorderen. De resultaten van haar onderzoek worden in de tweede helft van 2024 op deze site gepubliceerd. Een verwijzing naar die publicatie zal dan ook aan deze pagina worden toegevoegd.

Lees hier de verkenning van Joost Rijkhoff.

 

Voedsel-verbindingsplekken: waar gezondheid gebeurt

Dit gaat over de City Deal Gezonde en duurzame voedselomgeving

Voedsel-verbindingsplekken voorzien in wat in de samenleving steeds meer ontbreekt: echtheid. Echt contact, echt voedsel, echt werk, echte natuur en echte leefruimte. Ze hebben zich niet laten kapen door wat voor regelgeving dan ook, maar zijn trouw aan hun intuïtie’, aldus Marianne Edixhoven, initiatiefnemer van StadsOase Spinozahof in Den Haag. Deze buurttuin is één van de initiatieven uit het veldonderzoekWaar gezondheid gebeurt”, dat vandaag is gepubliceerd.

Zuid-Holland kent tal van plekken waar mensen samen tuinieren, voedsel bereiden en andere sociale (voedsel)initiatieven in de buurt ontplooien. Deze plekken ontstaan op initiatief van burgers en verbinden mensen uit alle lagen van de bevolking met elkaar. Ze zijn een belangrijke schakel in de omslag naar een gezonde en duurzame voedselconsumptie en -productie.  Zij leveren een bijdrage aan klimaat en duurzaamheidsdoelen. Ook brengen zij verschillende groepen mensen met elkaar in verbinding en dragen bij aan sociale cohesie.

In het veldonderzoek: “Waar gezondheid gebeurt, is verkend wat groene ontmoetingsplekken en sociale voedselinitiatieven gemeenschappelijk hebben en wat hun meerwaarde is voor een gezonde leefomgeving.  Voedsel-verbindingsplekken (zoals buurttuinen en aanschuiftafels) bieden de gelegenheid om in de leefomgeving de weg te vinden naar een gezond leven en een gezonde planeet. Initiatiefnemers geven aan dat deze plekken de kwaliteit van leven in de wijk vergroten en mensen aanzetten om een gezonder leven te leiden.

‘Voor een groeiende kwetsbare klasse is het financieel moeilijk om gezond – laat staan duurzaam – te leven. Met deze plek laten we zien dat gezond en duurzaam voedsel ook toegankelijk is voor diegene die dat het hardst nodig hebben”, aldus Floris Visser, Mensa Mensa & Public Food in Rotterdam.

Voedsel-verbindingsplekken voorzien in een maatschappelijke behoefte maar krijgen van de lokale overheid nog niet altijd erkenning. Het veldonderzoek geeft een gezicht aan de vele initiatieven en biedt aanknopingspunten voor overheden en zorgprofessionals om het maken van gezonde voedselkeuzes en positieve gezondheid verder te stimuleren. Door in gesprek te gaan met deze initiatieven, kunnen gemeenten samen met de gezondheidssector randvoorwaarden creëren die Voedsel-verbindingsplekken nodig hebben om de impact op de gezondheid te versterken.

Advies
De opstellers van het veldonderzoek – die voorstellen om de titel Voedsel-verbindingsplekken te gebruiken – adviseren gemeenten om de meerwaarde van deze plekken te erkennen; de zichtbaarheid van deze plekken te vergroten en om knelpunten weg te nemen op het vlak van wet- en regelgeving, ruimtelijke ordening, toegang tot geld, grond en andere zaken die het voortbestaan of opstarten van Voedsel-verbindingsplekken belemmeren.

Dit veldonderzoek is uitgevoerd door Voedselfamilies en mede mogelijk gemaakt door de Provincie Zuid Holland in het kader van de City Deal Gezonde en duurzame voedselomgeving.