Werkplaatsen Sociaal Domein willen samenleving meer brengen

Dit gaat over de City Deal City Deal Kennis Maken

Naast de City Deal Kennis Maken zijn er ook andere samenwerkingsverbanden waarin kennisinstellingen samen met maatschappelijke partners werkt aan maatschappelijke vraagstukken. Zo zijn er verspreid door het land 15 Werkplaatsen Sociaal Domein actief, met meer honderd gemeenten betrokken. Redenen genoeg om samen te werken met de City Deal, stelt landelijk voorzitter Erna Hooghiemstra.

Dit artikel hoort binnen het overkoepelende model voor verbinding met de samenleving bij het radar Cultuur & Communityvorming en Externe Verbinding.

Van studenten die in de regio Nijmegen onderzoek doen naar eenzaamheid en armoede, mensen helpen actiever te worden middels sport in Zwolle tot studenten die samenwerken met ambtenaren en zorgprofessionals in Zuid-Hollandse werkteams. Werken aan concrete vraagstukken is echt onderdeel van wat de studenten, maar ook docenten van de verschillende hogescholen leren in de Werkplaatsen Sociaal Domein. Dat doen zij samen met de praktijk en het beleid. Hiervoor hebben hogescholen, zorg- en welzijnsinstellingen, gemeenten en vaak ook cliëntenorganisaties en kennisinstellingen samen een regionale kennis- en ontwikkelagenda opgesteld in het sociale domein. Zo is een leerinfrastructuur ontstaan, waarin onderwijs, onderzoek en implementatie hand in hand gaan.

Praktijk versterken door regionale samenwerking

Het is alweer twaalf jaar geleden dat de eerste Werkplaatsen Sociaal Domein werden opgericht, vertelt Hooghiemstra. Ooit opgericht als Wmo-Werkplaatsen, maar na de decentralisatie veranderd van naam. Ze worden gefinancierd vanuit het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de VNG is nauw betrokken bij de opdrachtverlening.  Elke Werkplaats moet daarvoor een eigen plan en subsidieverzoek indienen, maar de centrale opdracht is overal hetzelfde: ‘de praktijk te versterken door regionale samenwerking rond een agenda.’ De resultaten daaruit moeten terugvloeien naar beleid, praktijk en onderwijs.

Hooghiemstra: “Toen vijftien jaar geleden de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) werd ingevoerd was het idee dat wanneer je de zorg dicht bij de leefwereld van de mensen brengt, dit de zorg verbetert. Vanuit VWS werd toen de urgentie gevoeld om iets extra’s te doen, namelijk om te leren hoe je dat doet. De hogescholen waren toen een logisch aanknopingspunt omdat zij via de lectoraten de geleerde lessen versneld in de praktijk konden brengen. Die lessen worden immers teruggebracht in het onderwijs, daar waar de nieuwe professionals worden gevormd. Niet alleen versterk je de lessen hiermee, ook stimuleer je in de praktijk de koppeling tussen zorg en leefwereld.”

Regionale agenda

Elke Werkplaats heeft dus zijn eigen regionale karakter en kleur, maar ze werken wel allemaal aan een aantal dezelfde landelijke thema’s. Als voorzitter zorgt Hooghiemsta daarbij voor de verbinding en samenhang van de vijftien regionale samenwerkingsverbanden. Vrijwel elke hogeschool met een sociaal werk opleiding is verbonden aan een Werkplaats, vertelt ze. Tegenover de overheidssubsidie staat wel cofinanciering. Dit kan worden omgezet in inzet van uren of in bijdrage van echt geld. Zo komen vanuit de gemeente er middelen bij en vanuit zorg- en welzijnsorganisaties en onderwijs uren. Hooghiemstra: “De motor van het geheel is het lectoraat, de onderzoekseenheid. We werken als Werkplaatsen echt goed samen met elkaar. Dat is de meerwaarde van ons netwerk. In elke Werkplaats ontstaan mooie dingen die ook interessant kunnen zijn voor elkaar. Daarom besteden we aandacht aan het verspreiden van kennis en de verbinding met elkaar. Als collectief werken we samen met landelijke onderzoeksinstituten in het sociaal domein zoals Movisie, Vilans, NJI en Pharos.”

Een van de belangrijkste landelijke thema’s waar de Werkplaatsen structureel aan samenwerken is het versterken van de sociale basis. Dit is het netwerk van informele krachten rondom mensen met problemen, denk aan mantelzorg en vrijwilligers. Hooghiemstra: “Als je dat netwerk sterker maakt is er minder zorg nodig.” De andere thema’s zijn inzet van ervaringsdeskundigheid, de lerende praktijk en armoede.

City Deal

Elke drie jaar gaan de Werkplaatsen met opdrachtgevers om tafel om de actualiteit te bespreken, en de thema’s opnieuw te bepalen. Hooghiemstra: “We hebben daarvoor de Associatie Werkplaatsen Sociaal Domein opgezet en als landelijke voorzitter zorg ik voor de verbinding met andere interessante samenwerkingsverbanden, zoals de City Deal. Ik merkte dat een aantal werkplaatsen en hun groep kernpartners, zoals gemeenten en zorg- en welzijnsinstellingen al te maken kregen met City Deals. Bij sommigen was er het gevoel dat ze  er te laat bij betrokken zijn. Ze zagen allerlei projecten worden opgezet en  wisten dat als we eerder betrokken hadden kunnen zijn, we de krachten beter hadden kunnen bundelen. De City Deal heeft inmiddels een stevige structuur staan. Laten we eens kijken of we nog beter op elkaar kunnen afstemmen.”

Veel van de maatschappelijke vraagstukken die bij de City Deal op de agenda staan, staan ook op de regionale agenda’s van de Werkplaatsen. Zoals eenzaamheid, armoede, stedelijke gezondheid. “We kunnen zoeken waar we elkaar kunnen vinden. Aan elke stad is het om daar iets mee te doen. We willen graag een goede verbinding maken. In sommige steden is die verbinding er al, in andere nog niet.”

Erna Hooghiemstra.

Erna Hooghiemstra.

Dezelfde manier van werken

De Werkplaatsen Sociaal Domein passen dan ook heel goed bij de City Deal-projecten, stelt de coördinator. “Het is dezelfde manier van werken. Het zijn lerende praktijken. Op basis van maatschappelijke vraagstukken zetten ze bij de City Deal ook onderzoeks- en ontwikkeltrajecten op, waarin studenten, beleidsmedewerkers en professionals samenwerken aan actiegericht onderzoek. Om uiteindelijk te komen tot oplossingen voor praktijkvraagstukken. De kennis die wordt ingebracht past goed bij de praktijk.”

Wat de Werkplaatsen nog meer toevoegen? Centraal bij de meeste Werkplaatsen staan kwetsbare bewoners en de buurten en wijken waar zij wonen. “ Daar zijn sociaal werkers van echte meerwaarde. Door de specifieke manier van werken komen  zij dicht bij de kern van de problematiek, er worden echt eerst vertrouwensrelaties gesmeed. Het gaat natuurlijk ook nooit om eenvoudige vragen met eenvoudige antwoorden. Complexe vraagstukken vragen om vertrouwen. Ook de burgers of cliënten worden er vaak bij betrokken. Dan kom je tot inzichten en passende oplossingen. Dat is echt de waarde van de Werkplaatsen Sociaal Domein.”

Ook kunnen City Deal-partners gebruikmaken van de brede regionale netwerken van de Werkplaatsen. “We bereiken een groot deel van de regio. Het zou interessant zijn om dat kenbaar te maken aan het City Deal-netwerk.”

Profiteren van de parels

Want meer kennis delen hoort bij de persoonlijke ambities van Hooghiemstra. “Ik wens dat veel meer mensen kunnen profiteren van al het goud, al die parels, die we in huis hebben met de werkplaatsen. Ik wil er meer stevigheid in brengen. Vaak komen de Werkplaatsen er zelf niet aan toe om meer rendement richting samenleving te krijgen. Er wordt overal zoveel moois ontwikkeld. Wat ik wil is dat men in Groningen ook iets heeft aan hetgeen wat ze in Maastricht doen. Dat vind ik echt belangrijk. De Werkplaatsen hebben een prachtige infrastructuur, maar kunnen natuurlijk ook niet iedereen bereiken. Slechts een deel van een lectoraat werkt eraan, en mensen die er vanuit de praktijk aan meedoen doen dat maar tijdelijk. Daarom hecht ik veel waarde om de werkplaatsen te verbinden met andere netwerken en maatschappelijke vraagstukken. Zoals met de City Deal Kennis Maken.”

Op 18 maart vindt het jaarlijkse symposium plaats van de Werkplaatsen Sociaal Domein. Dit jaar staat het in het teken van de geleerde lessen van de coronacrisis. Tot welke sociale innovaties heeft deze crisis geleid? Welk nieuw handelingsrepertoire is ontstaan? Wat daarvan is ook buiten crisistijd bruikbaar? Iedereen is van harte welkom om mee te doen en meer te leren van de werkplaatsen sociaal domein.

Meer weten? Lees ook de publicatie ‘Hoopvol en kwetsbaar – Impact van de coronapandemie op sociale kwaliteit van het dagelijks leven’ van Movisie, Werkplaatsen Sociaal Domein, Hogeschool van Arnhem Nijmegen en NHL Stenden Hogeschool.

Laat een reactie achter

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.