Eerste Open Huis-sessie: een snoepwinkel

Gemeenten en organisaties kunnen veel doen om mensen meer te laten lopen. Dat blijkt tijdens het eerste Open Huis City Deal Ruimte voor Lopen op 5 juli 2022. Bestuurders, specialisten en andere professionals reiken hun belangrijkste ‘tips en tools’ aan. Hella van der Wijst, journaliste en loop-enthousiast (KRO tv-programma De Wandeling) gaat met hen in gesprek. Online en in de zaal bij Beeld & Geluid in Den Haag maken volgers de interviews en presentaties mee.

Meer aandacht voor lopen is urgent, schetst Martine de Vaan, projectleider van de City Deal Ruimte voor Lopen: “Veel mensen lopen en genieten daarvan. Maar er valt heel wat te verbeteren, zeker voor iedereen die iets minder flexibel is dan de gemiddelde gezonde Nederlander. Een scheve stoeptegel weerhoudt mensen ervan om naar buiten te gaan”.

Frank Reniers, Programmamanager van Agenda Stad, legt uit hoe City Deals steden helpen versterken. Een voorbeeld is de afgeronde City Deal Klimaatadaptatie. Een geslaagde toekomstgerichte samenwerking tussen belangrijke partijen. Wat verwacht hij van deze Deal? “Ik vertrouw hier ook op zo`n succes. Een miljoen woningen bouwen kan alleen met meer lopen en dat is nog onvoldoende in het vizier bij gemeenten. Stap voor stap werken we daar nu aan”.

Frank Reniers, Hella van der Wijst en Martine de Vaan in gesprek (vlnr)

Troep van de stoep

Annemieke Molster, stedenbouwkundige en auteur van het boek ‘Loop!’, toont goede voorbeelden van herinrichting, zoals de Groene Loper in Breda. Maar regelmatig wordt bij projecten niet gedacht vanuit voetgangers zelf en hun looplijnen. Haar tips voor gemeenten? “Stel een doel, zoals bijvoorbeeld meer tevreden burgers. Zet daarna het voetgangersnetwerk op je netvlies. Wat heb je en wat wil je? Doe tellingen, gebruik kaarten. Kijk over plangrenzen heen, want te vaak stopt een route abrupt. Waarmee beginnen? Met troep van de stoep. Ruimte is er al en die hoef je alleen maar vrij te maken”.

Annemieke Molster

André de Wit, adviseur mobiliteit van de gemeente Rotterdam: “Bij ons gebruiken we meer de benenwagen dan in andere steden, ondanks de vele lege ruimtes en langere afstanden. Een gedreven wethouder in het vorige college, maar met steun van alle wethouders, heeft een aantal ingrepen in de binnenstad aangejaagd. Aantrekkelijke voetgangersgebieden zijn ontstaan zoals het Binnenrotteplein. Een prima plek als verbindingsroute en als verblijfsgebied. De nieuwe coalitie zet het beleid voort met veel aandacht voor toegankelijkheid en autoluwe gebieden”.

Lopen is leven

In haar gesproken column gaat Patty Muller uit van de belevingswereld van de voetganger. Zij is voorzitter van de Voetgangers Vereniging Nederland. Ruimte voor lopen is ruimte voor leven en zou in de dagelijkse praktijk centraal moeten staan: “Heel anders dan fietsen, waarbij je altijd een zekere oogklep op moet hebben. Fietsend kijk je nauwelijks links of rechts, daar kom je niet aan toe. Een kind van vier moet vooral lopen, spelen en onverhoedse, kriskras bewegingen kunnen maken: nodig voor de ontwikkeling van de hersenen”.

Productiever dankzij lopen

Femke Hulshof is projectleider bij ‘Werken in Beweging’, een samenwerkingsverband van Wandelnet en de Fietsersbond. Zij biedt faciliteiten en kant en klare tools voor bedrijven die medewerkers meer willen laten lopen. Soms is goede motivatie de invalshoek, soms financiële voordelen. Zo becijfert een rekentool productiviteitsstijging en afname van ziekteverzuim wanneer medewerkers, bijvoorbeeld, twee keer per week een uur lopend overleggen. “Beloon lopers op allerlei manieren”, adviseert zij. “Geef ze voorrang in de lunchrij. Zet in agenda`s een overleg buiten als standaard optie”.

Femke Hulshof en Govert de With

Medewerkers verleiden tot bewegen lukt, maar vereist regelmatig opnieuw aandacht. Dat is de ervaring van Marjan den Braber, directeur Marktgroep Water, Klimaat en Landschap bij Arcadis. Het bedrijf kent al jaren een vitaliteitsbeleid. “Regelmatig achter de computer vandaan komen als blijvende sociale norm, is een kwestie van herhaling. Stimuleringsprogramma`s hebben regelmatig een impuls nodig, globaal één keer per jaar schat ik. Wij kijken ook hoe je thuiswerkers in beweging krijgt. Met het sponsoren van sta-bureaus doen wij daarin een eerste stap”.

Hella van der Wijst vraagt aan Govert de With, beleidsadviseur verkeer en openbare ruimte van de gemeente Amsterdam, wat de stad doet om voetgangers te helpen, gegeven de schaarse ruimte: “Het is lastig kiezen, er zijn veel gevechten om de vierkante meter, of zelfs centimeter. Terrassen en groen kunnen ten koste gaan van loopruimte. Lopen wordt wel steeds meer gezien als onderdeel van het hele straatleven, zoals Patty Muller aangaf. Zo leveren lagere snelheden een meer leefbare stad op. Amsterdam wil in een jaar of wat in één keer de standaard van 50-kilometer snelheid omdraaien in 30 kilometer. Dat gebeurt voor een groot deel van de stad”.

Snoepwinkel

Burgemeester Simon de Boeck van het Vlaamse Gooik, tevens architect, vergelijkt drie grote steden die voetgangers meer ruimte geven. Barcelona bereikte aanvankelijk veel door abrupt een andere straatinrichting door te voeren en quasi autovrije zogenaamde superblokken te maken (‘tactical urbanism’). Na zo`n voldongen feit werd vervolgens de weerstand overwonnen. Later ging de stad meer inzetten op een mooi ontwerp en vroegtijdige, intensieve participatie.

Burgemeester Simon de Boeck van het Vlaamse Gooik, tevens architect, licht zijn onderzoek naar infrastructurele verbeteringen voor voetgangers in drie Europese hoofdsteden toe.

Een loopvriendelijker stad maken blijkt in Londen vooral een apolitiek onderwerp. Voor de verkiezingen liet negentig procent van de bevolking weten dit accent op parken en vergroening te ondersteunen. Alle kandidaat-burgemeesters namen deze keuze over.

In Parijs geldt sterke polarisatie, maar won een gemeentebestuur met een sterk voetgangersvriendelijk programma twee keer de verkiezingen. Bewoners hebben veel zeggenschap over projecten in hun directe woonomgeving. Parijs wordt zo wel minder coherent dan Barcelona, daar wordt meer van bovenaf op consistentie gestuurd.

Wat kunnen we leren? Martine de Vaan: “Deze ervaringen zijn bij elkaar een ware snoepwinkel waaruit je kunt kiezen voor je eigen methoden en financieringsstrategieën.  In deze City Deal werken we met veel partijen aan vernieuwing, maar we hebben meer gemeenten nodig die dezelfde druk gaan uitoefenen op deze verandering.

De komende tijd gaan we binnen de City Deal verder aan de slag met de ideale voetgangersstad. In september dragen we bij aan de Dag van de Stad, samen met de City deal Openbare Ruimte. En in oktober komt ons tweede Magazine uit rond het Nationaal Voetgangerscongres”.

Terugkijken

Nieuwsgierig geworden naar de volledige Open Huis-sessie? Die kun je gelukkig integraal terugkijken op ons Youtube-kanaal:

 

Laat een reactie achter

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.