“Een netwerk van netwerken”: City Deal Kennis Maken afgerond

Dit gaat over de City Deal City Deal Kennis Maken

Met de laatste Kennisdelingsdag op 29 juni in Wageningen, kwam na ruim 9 jaar een einde aan de City Deal Kennis Maken. Een unieke City Deal, niet alleen vanwege de lange looptijd, maar ook door de aansturing op infrastructuur i.p.v. thema. Projectleiders Christiaan Seemann en Roselinde Wijnands van Regieorgaan SIA blikken terug op de City Deal die ‘een netwerk van netwerken’ vormde en vertellen hoe de ontstane inzichten en netwerken voortleven ná de City Deal.

Schaal

“Ik ben trots op de schaal van betrokkenheid die we tijdens de looptijd hebben ontwikkeld, met 27 betrokken gemeenten en meer dan 25.000 studenten die dankzij de City Deal hun kennis hebben gebruikt bij het werken aan maatschappelijke vraagstukken in hun eigen stad. Dat is een grote stap naar dat ultieme einddoel dat elke student aan een mbo-instelling, hogeschool of universiteit de kans krijgt zich voor zijn stad in te zetten. Het vertrouwen van het ministerie van OCW, dat de City Deal bijna 10 jaar lang heeft ondersteund en in de laatste subsidieronde 6 miljoen euro beschikbaar heeft gesteld heeft ons enorm gesterkt, zeker in combinatie met de doorlopende steun vanuit Agenda Stad. Als beide ministeries niet in de City Deal hadden geloofd, hadden ze dat niet gedaan”, vertelt Christiaan Seemann enthousiast over de resultaten van de City Deal Kennis Maken.

Afbeelding: het netwerk en de initiatieven van de City Deal Kennismaken

Ontstaan

De City Deal Kennis Maken ging in maart 2017 van start, als samenwerking tussen het Netwerk Kennissteden Nederland (NKN), de ministeries van OCW en BZK, Universiteiten van Nederland (UNL), de Vereniging Hogescholen (VH) en het kenniscentrum voor studentenhuisvesting Kences. De kennissteden Delft, Enschede, Groningen, Leiden, Maastricht, Nijmegen, Rotterdam, Tilburg en Wageningen en de hbo- en wo-instellingen in die steden waren de eersten die aansloten. Coordinatie en uitvoer van de deal werd belegd bij Regieorgaan SIA. De doelstelling was tweeledig: de rijke leeromgeving die steden in potentie zijn voor ‘hun’ studenten veel meer benutten. Én, andersom: het enorme potentieel aan kennis en kunde van hoger onderwijsinstellingen veel meer aanwenden om lokale stedelijke opgaven aan te pakken. Meer kennissteden sloten gedurende de eerste jaren aan bij de City Deal en toen de oorspronkelijke einddatum van de deal, eind 2021, in zicht kwam, besloot het ministerie van OCW juist om de deal op te schalen: een nieuwe subsidieregeling van oorspronkelijk vijf, en later zes miljoen euro, werd toegekend aan trajecten van 12 kennissteden.

Foto: Toenmalig burgemeester Ahmed Aboutaleb en Rowinda Appelman tijdens de tweede Landelijke Kennisdelingsdag van de City Deal in Rotterdam, 1 november 2018. Foto: Florencia Jadia Photography.

Dit was ook de fase waarin Christiaan en Roselinde samen het stokje overnamen van kwartiermaker Rowinda Appelman, die vanuit Regieorgaan SIA namens alle partners een imposant netwerk van ondertussen 20 steden had opgebouwd. “Het was waanzinnig om in te kunnen stappen op een rijdende trein in een fase dat er echt een grote schaalsprong plaatsvond. Door de vorm van een subsidie werd het competitiever en verschoof de aandacht naar 12 steden die met subsidie verder konden met inbedden en schalen. Er vond een transitie plaats van een breedte- naar een dieptestrategie en daar pasten in sommige steden andere projectleiders bij. Natuurlijk hadden wij daarbij enorm profijt van het netwerk dat Rowinda inmiddels had opgebouwd en de enorme betrokkenheid daarbinnen, zowel ambtelijk als bestuurlijk”, aldus Christiaan.

Foto: Christiaan en Roselinde stellen zichzelf in 2022 voor tijdens de Kennisdelingsdag in Leiden

Kenniswaaier

Belangrijk onderdeel van de City Deal was het ‘diner pensant’ dat elke twee jaar plaatsvond en waar bestuurders, inclusief de minister van OCW, in gesprek gingen met docenten én studenten die bij de City Deal betrokken waren. “Die diners waren belangrijk, om aan bestuurders van kennissteden te laten zien wat er nu écht gebeurde in de City Deal waaraan zij zich gecommitteerd hadden”, aldus Christiaan. Roselinde: “Het zijn de bestuurders die de handtekening onder een City Deal zetten, maar dat betekent niet per sé dat ze ook goed aangehaakt zijn. Door hen aan tafel te zetten niet alleen met elkaar, maar ook met direct betrokkenen, werd het belang van de City Deal voor de bestuurders ook veel duidelijker.”

Foto: Toenmalig minister van OCW Robbert Dijkgraaf (midden), links geflankeerd door burgemeester Marja van Bijsterveld van Delft, in gesprek met studenten tijdens het Diner Pensant in Den Haag op 30 november 2022.

Toen Robbert Dijkgraaf minister van OCW was, maakte hij zich hard voor een ‘horizontale kenniswaaier’, een bundeling van de kwaliteiten van MBO, HBO en WO die niet-hiërarchisch was. “Dat heeft veel betekend voor de betrokkenheid van het MBO bij de City Deal”, weet Christiaan. “Dat was altijd al ons streven en dat van de kennissteden, maar vanwege veel institutionele barrières, waaronder geoormerkte financieringsstromen van NWO en SIA, konden we dat niet eenvoudig formeel in de subsidies opnemen”, vult Roselinde Wijnands aan. Christiaan: ”Daarom was het van groot belang dat minister Dijkgraaf dat als ambitie uitsprak, zo werd het onmogelijke mogelijk. Hij was ook echt nieuwsgierig naar de samenwerking in de praktijk en ging tijdens de Landelijke Kennisdelingsdag in Den Bosch in gesprek met trajectleiders en studenten.” Roselinde: “We hebben binnen de City Deal ook altijd gezegd: als je opgaven in de wijk wilt aanpakken, heb je daar alle professionals voor nodig.”

Foto: Minister van OCW Robbert Dijkgraaf op de Kennisdelingsdag in Den Bosch op 13 november 2023. Foto: Florencia Jadia Photography.

Netwerk van netwerken

Christiaan noemt de City Deal niet voor niets een ‘netwerk van netwerken’. Begon de City Deal met een kleine groep kennissteden, uiteindelijk hebben 27 gemeenten deelgenomen aan de City Deal. Doordat deze City Deal anders dan veel andere deals werkte met meerjarige subsidieregelingen, verschoof de aandacht gaandeweg naar koplopersteden die een subsidie toegekend kregen. “Dat was een bewuste keuze die in overleg met de partners werd genomen”, vertelt Christiaan. “Je kon niet van alle steden hetzelfde commitment verwachten. Er waren onderling verschillende snelheden en verschillen in omvang en complexiteit. Waar sommigen bovendien al een goed lopend onderling netwerk hadden van kennisinstellingen en gemeenten, stond dat in andere steden nog meer in de kinderschoenen.”

Foto: Roselinde Wijnands (links) en dealmaker Moniek Peen luisteren aandachtig tijdens de Kennisdelingsdag in Groningen in 2024. Foto: Florencia Jadia Photography.

Themavrij

Partijen in de deelnemende kennissteden werkten samen aan de opgaven die dáár relevant waren. De governance van de City Deal vormde een constante, maar de inhoud was in grote mate ‘themavrij’, vertelt Roselinde. “Ik denk dat dat deze City Deal uniek maakte en ik denk ook dat het goed heeft uitgepakt. Want je ziet dat steden niet alleen verschillende opgaven hebben, maar ook op verschillende manieren samenwerken met hun kennisinstellingen.” Christiaan: “Het bottom-up principe dat in veel City Deals zit, hadden wij eigenlijk op microniveau in de individuele steden. Wat daar erg versterkend werkte is dat we werkten vanuit gedeelde waarden, bijvoorbeeld wederkerigheid. Dat betekende dat er veel ruimte was voor de ‘skin in the game’: de opgaven stonden even dicht bij alle betrokkenen en iedereen had een stem bij het oppakken daarvan.”

Dat betekent overigens niet dat iedereen in zijn of haar ‘comfortzone’ kon blijven: “De City Deal haalde juist mensen uit hun bubbels, bijvoorbeeld door gemeenteambtenaren kennis te laten maken met de realiteit van bewoners, studenten en onderzoekers – en vice versa.”

Regionale samenwerking

Waar het nadrukkelijk betrekken van het MBO een wens was die tractie kreeg door minister Dijkgraaf, daar was ook de regionale samenwerking die rond kennissteden ontstond een ‘erg gewilde bijvangst’. Christiaan: “Het was moeilijk om op die schaalbaarheid te sturen, maar als je ziet dat die toch ontstaat, weet je dat er iets goed zit. In dit geval: dat we daar binnen de City Deal randvoorwaarden voor creëerden.” Seemann doelt onder andere op Limburg UniverCity, een regionale samenwerking waar onder coördinatie van het lectoraat Smart Urban Redesign van Zuyd Hogeschool in vijf Urban Living Labs wordt gewerkt in Heerlen, Maastricht, Sittard-Geleen, Roermond en Weert. “In Groningen en Enschede zien we die regionale samenwerking ook ontstaan. Deels door losstaande bestuurlijke ontwikkelingen zoals het ‘Akkoord van Groningen’, maar het is alleen maar goed dat die initiatieven elkaar versterken en ook tot regionale samenwerking tussen en met kennisinstellingen leiden.”

Foto: Studenten van een van de Urban Living Labs (ULL) van Limburg UniverCity buigen zich met inwoners over de leefbaarheid in de wijk.

Structureel overleg

Roselinde: “Toen we met de City Deal begonnen, was er in veel steden nog geen structureel overleg tussen gemeenten en al hun kennisinstellingen. Vaak ging het om bilaterale relaties en hing het op initiatiefrijke personen. Nu zijn daar in veel van de steden mooie stappen gezet en ik denk ook niet dat dat snel weer zal verdwijnen.” Christiaan: “Inderdaad. En dat overleg kan soms ook heel informeel zijn hè? Dat is denk ik ook deels de kracht van City Deals: laagdrempelig en informeel het contact tot stand brengen.”

Dat vertrouwen in het blijvende contact tussen gemeenten en hun kennisinstellingen, betekent niet dat Christiaan en Roselinde nu achterover gaan leunen. Integendeel, dat vertrouwen komt ook voort uit een drietal initiatieven om het netwerk en de resultaten van de City Deal Kennis Maken te borgen.

Ná de City Deal Kennis Maken…

Christiaan: “We hebben in 2025 al gezorgd dat de kennis van docenten en onderzoekers die betrokken waren bij de City Deal Kennis Maken, geborgd kan worden in het Comenius Netwerk. Normaal is dat netwerk alleen toegankelijk voor mensen met een Comenius Fellowship, maar wij hebben gezorgd dat ook mensen uit de cirkel van de City Deal daarop in kunnen tekenen. Daar zijn we het Comenius Netwerk erg dankbaar voor.”

“Daarnaast hebben Regieorgaan SIA en het Netwerk Kennissteden Nederland (NKN) op de laatste Kennisdelingsdag van de City Deal op 29 juni een Memorandum of Understanding ondertekend en start eind dit jaar een nieuwe subsidieregeling die bestaande Living Labs in de kennissteden ondersteunt en laat schalen”, vult Roselinde aan. “Het Memorandum is een intentieverklaring om de krachten te bundelen, zodat kennissteden zich verder kunnen ontwikkelen als plekken waar verschillende soorten onderzoek, onderwijs, beleid en praktijk samenkomen rond maatschappelijke opgaven. Zo kunnen steden intern en onderling kennis blijven delen”, licht Christiaan toe. Roselinde: “En de subsidieregeling richt zich op Living Labs waarin gemeenten een opgave oppakken samen met ‘hun eigen’ hogescholen en universiteiten en met andere kennis- en maatschappelijke partners.”

Foto: Voorzitters Floor Vermeulen van NKN (tweede van links) en Paul van Rooij (tweede van rechts) van Regieorgaan SIA presenteren het Memorandum of Understanding tijdens de laatste Kennisdelingsdag in Wageningen op 29 juni 2026, onder toeziend oog van Christiaan Seemann (rechts). Foto: Moekotte Media.

Kapitaal

“De Living Labs, wijkdocenten, buurtcampussen en andere initiatieven in de kennissteden zijn natuurlijk het echte kapitaal van de City Deal, al zijn ze de verdienste van de kennissteden zelf. Of het nu gaat om de verbinding tussen studenten en inwoners die WIJS bewerkstelligt in Groningen, de creatieve hackathons van het Design Lab in Enschede, de Wageningse bibliotheek ‘bblthk’ die zich ontwikkelt tot ontmoetingsplek en vraagbaak voor maatschappelijke vraagstukken. Of het Leidse initiatief Leren met de Stad, waarin universiteit, hogeschool, mbo, gemeente en maatschappelijke organisaties zich midden in de wijk samen met bewoners buigen over urgente vraagstukken in de stad; er zijn talloze allianties ontstaan die ons het vertrouwen geven dat de samenwerking tussen kennisinstellingen, gemeenten en inwoners blijft bestaan”, aldus Roselinde.

Lessen voor Agenda Stad

Het is geen verrassing dat projectleiders van een City Deal waar ‘van elkaar leren’ in het DNA zit, ook zeer te spreken zijn over de Community of Pratice (CoP) van Agenda Stad, waar projectleiders van City Deals vraagstukken en ervaringen uitwisselen. Christiaan: “In sommige opzichten zijn alle City Deals verschillend en uniek. Maar toch – of juist daarom – bleken we vaak ook nieuwe inzichten op te doen door de ervaringen van anderen.” Ook een relatief nieuw instrument als de Impact Maak- en Meettool juichen Christiaan en Roselinde toe, al behoorde het meten van impact door de subsidie-structuur à la Regieorgaan SIA van ‘Kennis Maken’ al van meet af aan tot het metier van de City Deal.

Als tip geeft Christiaan nog mee om de CoP te koppelen aan een ‘alumniclub’, zodat ook de ervaring van afgeronde City Deals meegenomen kan worden en het informele netwerk dat zo belangrijk is voor City Deals, op sterkte blijft. In eerdere reflecties op afgeronde City Deals, zoals het interview met Edwin Teljeur van de City Deal Impact Ondernemen, werd al opgemerkt dat je misschien voor elke fase van een City Deal een dealmaker nodig hebt die past bij wat een City Deal dan nodig heeft. Datzelfde geldt, menen Christiaan en Roselinde, wellicht ook voor projectleiders van City Deals en voor vertegenwoordigers van steden die daaraan deelnemen. Net als Teljeur hebben zij immers de ervaring om in te stappen bij een lopende City Deal, wanneer de deal een nieuwe fase ingaat.

Foto: Roselinde en Christiaan in gesprek tijdens de CoP-bijeenkomst in Utrecht op 25 maart 2025. Foto: Paul Tolenaar

Tot slot denkt Christiaan dat Agenda Stad en het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties soms te bescheiden zijn of er niet aan denken de successen van City Deals slim te claimen. “Als een City Deal tien Europese steden op bezoek krijgt om te leren van de werkwijzen, dan is dat ook een succes dat je als grondlegger van het instrument kunt claimen.”

De City Deal Kennis Maken was uniek, niet alleen door de lange looptijd en de investering door OCW, maar ook door de vertakte netwerken die binnen en tússen kennissteden zijn ontstaan. Én door het themavrije karakter, waardoor een breed scala aan stedelijke opgaven rond duurzaamheid, werkgelegenheid, gezondheid en leefbaarheid door kennissteden en studenten werd verkend. Juist in tijden van krapte waarin overleggen en andere vormen van samenwerking onder druk staan, is ruimte voor een brede, bottom-up aanpak van vraagstukken van groot belang. Zeker als daarbij muren tussen instellingen en disciplines weggenomen kunnen worden. Van alle opbrengsten van de City Deal Kennis Maken is dat misschien wel de belangrijkste.

Het eindverslag van de City Deal Kennis Maken lees je begin 2027 op Agendastad.nl, als alle lopende projecten zijn afgerond. Uiteraard vind je hier eind 2026 ook meer informatie over de nieuwe subsidieregeling voor bestaande Living Labs.